Zoekdagen Frankrijk 2011 

 

Oor van een amphoor 2 religieuze hangertjes Denarius Lodewijk de Vrome
o.a. Double Tournoise wilde cactus op de camping spreekt voor zich
van alles wat Franse Francen Goudzoeken
leerbeslag links rechts visigotische gespangel loodbaartje voor kogels mesheft 18e eeuw
middeleeuwse gesp middeleeuwse gesp Middeleeuwse glas, voetjes en kelk van wijnglas
Moorse vingerhoed Napoleon III munten Goudzoeken
Goudzoeken Romeinse bordscherf Romeinse harnassluiting

Zoekdagen in Zuid-Frankrijk
John Kuipers en Arran Bos

Als heerser over de steentijd bewoners, de bronstijd jagers, de Iberische Kelten, de Romeinen, de Moren, de Visigoten, de Merovingen, de Karolingen, de Katharen en de middeleeuwse inwoners van Albas, zwaait Arran met zijn detector over het gebied waar eens deze volkeren aanwezig waren.
In een relatief klein gebied komen van deze volkeren voorwerpen naar boven die nu zijn vitrines vullen. Hij heeft een zeer uitgebreide kennis over het gebied in huis waar menig archeoloog jaloers op zou moeten worden.

Bijna elk jaar ga ik wel ergens in het buitenland zoeken. Na enkele malen in Engeland te hebben gezocht, in Tsjechië en in de Ardennen was nu Frankrijk aan de beurt. Als je de Franse detectorbladen die je op internet kunt bekijken eens aandachtig doorleest, dan val je om van verbazing, wat ze daar allemaal uit de grond halen. Via e-mail kreeg ik contact met Arran, op het forum beter bekent als Appie B. Arran woont met zijn vrouw Antoinette en hun 2 kinderen in Cascastel des Corbieres, in het Zuid Franse Languedoc de Roussillon.
De afspraak om te komen zoeken was snel gemaakt en een camping zo gezocht.
Ik heb gekozen voor een camping in Tuchan, 15 km. verderop.

Op zondag 22 mei ben ik ’s morgens om 10 uur weggereden via de toeristische tolvrije route naar Tuchan. Na een overnachting in de auto heb ik op maandagmorgen om 10 uur de tent opgezet en de auto leeggeruimd. Even later zat ik bij de familie Bos op de koffie. Een ontzettend leuk en warm onthaal. Zeker het warme aspect mag niet vergeten worden, het was immers tijdens onze zoekdagen tussen de 28 en 32 graden en kurkdroog. Arran wees me een locatie aan waar ik kon gaan zoeken en daar was de eerste vondst het alom bekende pistoletkogeltje, gevolgd door een Romeins leerbeslag, een stukje leerbeslag in de vorm van een fleur de lis en wederom Romeins leerbeslag. Even later ben ik in de buurt wat gaan filmen en rondkijken en zat de middag er al weer op.
’s Avonds gingen we zoeken naast een oude wijngaard met veel gesteente en middeleeuws
glas. Zoekmaat Arran liet zien erg gedreven te zijn met het zoeken in deze prachtige kleigrond en kon zowaar aan de aflezing van zijn detector bepalen wat er onder zijn schotel lag. Ongelooflijk wat een kundigheid. Deze kundigheid liet zich al snel vertalen in een Tourse Groot en de bekende dubbele Tourse groot, die hij er enkele uithaalden. Tevens nog enkele middeleeuws zilveren munten en een prachtig mesheft uit de 18e eeuw. Ikzelf kon natuurlijk niet achterblijven en vond een Napoleon 3 munt gevolgd door een Moorse vingerhoed. Ook haalde ik een ijzeren bijl uit de grond. Vaak denkt men, inclusief ikzelf, dat die niet zo oud zijn, maar deze is toch nog te plaatsen in de 16e 17e eeuw.

Op dinsdag hadden we om 09:00 uur afgesproken bij Arran en even later reden we richting Albas om er in een oude wijngaard te zoeken. Keltische, Romeinse, Middeleeuwse en Franse aluminium oorlogsmunten van 2 en 5 franc zien het levenslicht. Evenals een Franse franc uit 1932. De topper was een Karolingische zilveren munt die helaas door de schep beschadigd was geraakt. Toen deze uit de bodem kwam en Arran deze met zijn vingers schoonmaakte, was het net of deze gisteren geslagen was. De beeltenis haarscherp. Het was een Denarius van Lodewijk de Vrome, geslagen tussen 834-850. Ook aan oogvondsten ontbrak het niet op dit terrein. Een handvat van een Romeinse amfoor, een stuk glas van een middeleeuws wijnglas en stukken brons die typisch zijn voor dit gebied. Mogelijk zijn er diverse bronsgieters geweest in dit gebied omdat er nog geen andere verklaring voor gevonden kan worden. Verder vonden we nog een lood baartje waar kogeltjes van gemaakt worden, zo vertelde Arran. Even later kwam hij aanlopen met een Romeinse scherf, waarvan ik totaal geen weet had. Het blijkt een stuk van een Romeins bord te zijn, waarop ik aanvulde, dan moet het wel hier gebakken zijn en dat was ook zo. Jongens wat een gebied

Op woensdag gaan we weer terug naar Albas. Tussen 2 rotskammen staat het dorpje Albas. Op een van deze rotskammen liggen enorm grote stenen achter elkaar. Dit heeft de vorm van een drakenrug en heet daarom ook zo. Het moderne Albas ligt gedeeltelijk op een heuvel met als middelpunt de oude Abdij. Achter de huizen ligt het Middeleeuwse Albas verscholen. Als leek zul je dit nooit kunnen vinden, maar ik heb er rondgelopen. Een smal straatje met hele kleine huisjes. Ongelooflijk dat zoiets nog bestaat. Aan de andere kant van het dorp staat een oude kerk met begraafplaats. Het kerkhof is niet meer als een berg klei die als een opgeworpen heuvel tegen de zijkant van de kerk aanligt. Bij ons bezoek zien we tussen de aangeplante rozenstruiken de botten uit de klei steken. Als we even later op de akker staan kan Arran mij precies vertellen welk volk waar zat. Hij heeft een enorme kennis van dit gebied opgedaan in de 5 jaar dat hij er woont. De locatie van de Kelten en de Katharen is voor een buitenstaander als ik ook niet zelfstandig te vinden. De Katharen moesten zich indertijd verschuilen tijdens de kruistochten en gingen naar een wijkplaats. Zo’n wijkplaats heet een Oppidum. De schuilplaats van de Iberische Kelten kon ik bekijken na een tochtje door vrij onherbergzaam gebied. In dit gebied kwam het bergwater samen en vormde zo natuurlijke bassins in diverse hoogten. Een prachtig gezicht. De heuvel waar de Abdij opstaat is vroeger veel groter geweest dan nu te zien is. Door afgraving is de heuvel kleiner geworden en is de afgegraven grond op de akkers terechtgekomen. Door er plateau’s aan te leggen en er huizen op te bouwen is er langzaam een dorp ontstaan. Dit verklaard ook de vondst van een Bulla die Arran daar eerder deed. Door de warmte en de droge klei is het deze dag moeilijk zoeken maar weten we nog wel 2 middeleeuwse gespen, een Romeinse harnassluiting, een hangertje met oortjes uit ongeveer 1650 en Romeins muntje te vinden, gevolgd door een Tourse Groot en een Benedictushangertje. Tussen de bergkammen voel je de wind goed die steeds meer in kracht toeneemt. Als ik in mijn tentje lig hoor ik in de verte de wind aankomen die steeds meer geluid gaat maken en uiteindelijk met wat rukwinden over de camping blaast. Even later is het dan weer windstil. Zoiets is ook merkbaar tijdens ons zoeken.

’s Avonds gaan we naar een akker die 20 km. verderop gelegen is. Deze ligt vol met Romeinse voorwerpen. Daar de klei enorm droog is en onze detectoren geen diepgang hebben komt er van het Romeinse avontuur maar weinig terecht. Het blijft bij het vinden van enkele stukjes leerbeslag. Wel is er te genieten van een oude kerk uit de 8e 9e eeuw die voor toeristen erg in trek blijkt te zijn.

Op donderdag staat het goud zoeken op het programma. Sommige rivieren in Frankrijk zijn goud voerend. Omdat we tijdens onze autoritten naar de diverse locaties al veel riviertjes en watervallen hadden gezien, was de keuze snel gemaakt. Na de auto geparkeerd te hebben zijn we aan de afdaling begonnen. Onherbergzaam gebied en vrij stijl. Uiteindelijk staan we dan aan de waterkant en kan het pannen beginnen. De rivier moet natuurlijk wel goud voerend zijn om er iets te vinden. Dat was helaas niet het geval. Wel bemerkte Arran een jonge adder in het water, die ik op film heb vastgelegd. Helaas bleek er op een andere locatie ook geen goud in ons pannetje te vinden. Later kregen we van Arran’s neef te horen dat hij iemand wist die wel goud had gevonden. Mocht het zo zijn dat Arran binnenkort gaat verhuizen dan weten we dat zijn goudavontuur in Frankrijk geslaagd is.

’s Avonds ga ik bij de familie Bos nog even op visite en onder het genot van een heerlijk glas Muscat, leg ik de laatste voorwerpen vast op de gevoelige plaat. Voor mij zitten de Franse zoekdagen er weer op. Op vrijdagmorgen om 7 uur is de auto weer volgeladen en ’s avond om 22:00 uur ben ik weer thuis. In ieder geval heb ik heel veel geleerd over het gebied en heb ik genoten van de gastvrijheid van Arran en Antoinette. We spreken af dat ik nog een keer terug mag komen wanneer de grond zachter is geworden door de regen. Tijdens mijn aanwezigheid heeft Arran al zijn vrije tijd opgeofferd om mij de mooiste akkers en mooiste natuurlijke plekjes te laten zien. Ik ben hem hiervoor zeer veel dank verschuldigd.
Verder valt nog te melden dat Arran in die 5 jaar diverse contacten met de landeigenaren heeft opgebouwd, maar sommige willen niet dat er in hun wijngaard gezocht wordt. Mocht je toch aangetroffen worden op een verboden plaats, dan moet je niet raar staan te kijken als je recht in een pistoolloop kijkt. Alles is net even anders in Zuid Frankrijk.

En zoals de Fransen zeggen: zoeken op de harde klei is, un métier de chien
( een hondenbaan )

John Kuipers